HomeOver AMDKColumnsObama: geen Reagan

Obama: geen Reagan

Financiële markten zijn – zeker in de volwassen economieën – grote markten. Hoe vindt je in zo’n groot bos een goede belegging? En als je zo’n belegging vindt, hoe kun je dan beoordelen of die echt goed is? Met deze vragen op zak publiceerde Henry Varnum Poor in 1860 ‘History of the Railroads and Canals in the United States’, waarin financiële en operationele data stonden van de Amerikaanse spoorwegen. Hij verkocht dit boek aan investeerders/beleggers. De activiteiten van Poor en van anderen, waaronder L.L. Blake (oprichter van Standard Statistics Bureau) en John Moody, voorzagen aan het begin van de twintigste eeuw duidelijk in een behoefte. De rating agencies waren geboren.

Financiële markten werden in de loop van de tijd steeds groter. Meer partijen die obligaties en/of aandelen uitgaven. De vormen van obligaties groeiden ook, zoals converteerbaar, achtergesteld, variabele coupon, eeuwig durend. De selectie voor beleggers werd daardoor complexer. Het belang van rating agencies nam dan ook toe. Hierdoor was het voor beleggers eenvoudiger geworden om een eerste schifting te maken. Daarbij kwam dat toezichthouders van beleggers randvoorwaarden begonnen te stellen aan de hand van de oordelen van de rating agencies. Bovendien droegen deze instanties er aan bij dat de financiële markten, vooral de obligatiemarkten, konden worden gesegmenteerd. De goede obligatie kregen een hoge rating, de mindere een lage. Er kon vervolgens een rendementsverschil tussen de goede en de andere obligaties worden uitgerekend. Hierdoor kon de belegger een bewustere keuze tussen risico en rendement maken.

Voor bedrijven en overheden werden rating agencies in de loop der tijd steeds belangrijker. Het hebben van een rating zorgt voor zichtbaarheid op de financiële markten. Daardoor zijn beleggers eerder geneigd naar jou te kijken dan naar degene die naast je staat, maar waar geen lichtje op is gericht. Wil je als bedrijf dat licht op je hebben, dan moet je daarvoor wel betalen. Daarbij stellen de rating agencies, dat zij bepalen wat de kleur van het licht is. Langs deze weg is de noodzakelijke objectiviteit van rating agencies in principe gewaarborgd. Of dit principe voldoende is gehandhaafd, is zeer de vraag. Zeker na de problemen die zich voor hebben gedaan bij de MBS-sen (mortgage backed securities, nu bekend als rommelhypotheken),  De rating agencies hebben in ieder geval voor wat dit betreft de schijn tegen.

Wat moet je nu doen, als bedrijf of land, wanneer jouw rating wordt verlaagd? Natuurlijk ben je het daar niet mee eens. Waarom zou je? Jij hebt immers het beste en mooiste bedrijf, of het meest goed geleide land. Dat roep je ook hoog van de toren. Daarbij stel je dat je eigenlijk een te lage rating had. Het had wel AAAA moeten zijn, omdat een belegger op leeftijd dat heeft geroepen. Bovendien herhaal je nog maar eens dat de huidige problemen niet jouw schuld zijn. Je voorganger heeft er een zooitje van gemaakt en zijn partijgenoten laten jou geen ruimte voor grote schoonmaak. Een aanhanger van jou schrijft, net als Paul Krugman, een leuk en venijnig stukje over alle fouten van rating agencies. Daarbij is de kern van de boodschap dat de rating agencies het eigenlijk allemaal niet weten.

Of je reageert zoals Robert Barro deed in zijn artikel in de WSJ, ‘How to get that AAA rating back’. Accepteer het verlies van de rating, maak een concreet actieplan en sluit deals om dat plan door te voeren en vooral toon leiderschap. Dat laatste deed Reagan toen hij in 1982 president werd. Alleen concludeert Barro dat Obama geen Reagan is.

AddThis Social Bookmark Button
 

Adresgegevens

AMDK
Voltahof 8
8501 XP  JOURE

T: 085 - 489 56 90

Plan uw route